skip to Main Content
wie zijn wij

Stichting Ons Platform

“Het probleem is eigenlijk van niemand.” Zo kun je in een notendop de problematiek van de overgangen in het onderwijs samenvatten. En inderdaad, het meest opvallende aan het fenomeen van belemmerde doorstroom en stroeve overgangen tussen onderwijsinstellingen is wel dat de verantwoordelijkheid ervoor als diffuus wordt ervaren. Tegelijkertijd onderkent iedereen de ernst van de gevolgen: voortijdig schoolverlaten en te geringe doorstroom naar hogere opleidingen. (Advies Betere overgangen in het onderwijs, uitgebracht aan de minister van Onderwijs, Cultuur en Wetenschap. Uitgave van de Onderwijsraad, Den Haag, 2005)

samenwerken vanuit een gedeelde missie en visie

De organisatiestructuur

Het bestuur van Stichting Ons Platform wordt gevormd door alle directeuren van de samenwerkende scholen. Uit het bestuur is het dagelijks bestuur gekozen. Dat wat in Stichting Ons Platform thuishoort wordt in nauw overleg tussen het bestuur, de scholen en de projectleider van Stichting Ons Platform bepaald. De projectleider heeft hierin een adviserende stem.

Aan ieder project is een eerste en tweede contactpersoon bestuur gekoppeld. Samen met de projectleider van Stichting Ons Platform geven zij richting aan de projecten, bewaken zij de voortgang en dragen zodoende gezamenlijke verantwoordelijkheid voor de projecten.

De aandachtsgebieden

Door het bestuur zijn vier aandachtsgebieden benoemd waar Ons Platform in 2018-2020 prioriteit aan wil geven.

De vier aandachtsgebieden gaan over:

Een goede vorm van samenwerking tussen onderwijs en bedrijfsleven moet door de scholen van Ons Platform worden ingericht. De vorm van samenwerking wordt bij voorkeur ingevuld met bedrijven uit de eigen netwerken die scholen al hebben. Het (beroeps)onderwijs en bedrijfsleven zijn samen verantwoordelijk voor een goede aansluiting van het onderwijs op de arbeidsmarkt. In het proces van keuzebegeleiding is het belangrijk dat leerlingen, ouders, docenten/mentoren/decanen goed zicht hebben op de vraag vanuit het bedrijfsleven in relatie tot de afweging van de keuze voor een vervolgopleiding. Niet dat dit de doorslag moet geven, maar het moet wel beschikbaar zijn om mee te laten wegen in de keuze voor een vervolgopleiding.

Onderdeel van de Wet ‘vroegtijdige aanmelddatum voor en toelatingsrecht tot het beroepsonderwijs’ is de plicht tot het uitwisselen van gegevens over overstappende jongeren tussen vo-scholen, mbo-instellingen en gemeenten. De ontwikkeling van de landelijke voorziening is hierop gericht. De vo- scholen, mbo-instellingen en gemeenten maken hierover afspraken, zodat duidelijk is wie wat moet doen als het overstapproces stagneert en tijdig de juiste begeleiding geboden kan worden.

Het is dus belangrijk om te komen tot een duurzame samenwerking tussen het vo en het mbo op het gebied van loopbaanoriëntatie en -begeleiding (LOB). Dit vergroot de kans op een vroegtijdige aanmelding, een zorgvuldige intakeprocedure, een bewuste studiekeuze en daarmee op een succesvolle vervolgopleiding en een plek op de arbeidsmarkt. Het ontwikkelen van een gezamenlijk doorgaande lijn waar voor alle partijen duidelijk is wat van elkaar verwacht wordt rond het overstapmoment. Daarin zijn ook duidelijke afspraken gemaakt over de overdracht van het loopbaandossier door de vo-school en het gebruik ervan door de mbo-instelling waar de leerling wordt ingeschreven.

Vanaf 2016 kunnen vmbo- en mbo-scholen al samen extra doorlopende leerlijnen aanbieden. Een doorlopende leerroute bestaat uit een vmbo-profiel en een aanverwant mbo-opleidingsdomein of een aanverwante mbo-kwalificatie. Binnen Ons Platform zijn al verschillende voorbeelden van zo’n doorlopende leerroute opgestart. Belangrijk is om deze voorbeelden voor alle deelnemende scholen van Ons Platform beschikbaar te maken en verder uit te rollen. De doorlopende leerroutes zijn aantrekkelijk voor leerlingen, omdat de doorstroming vmbo-mbo optimaal is. De keuze voor de mbo-route ligt hierdoor meer voor de hand dan die via het havo. Met een doorlopende leerroute kan het onderwijsproces doelmatiger georganiseerd worden en is er vaak ook tijdwinst mogelijk. De doorlopende leerroutes kunnen een bijdrage leveren aan het terugdringen van VSV en kunnen zorgen voor een betere aansluiting op de arbeidsmarkt.

Voor bepaalde richtingen/vakgebieden is het lastig om (op tijd) over bevoegde docenten te kunnen beschikken. Voor alle deelnemende scholen van Ons Platform is dat de realiteit. Een goede samenwerking/afspraken tussen de deelnemende scholen van Ons Platform over mobiliteit en inzet/uitruil van elkaars docenten biedt mogelijkheden elkaar te helpen. Samen werken aan oplossingen die relevant zijn voor deze problematiek. Dat is de uitdaging.

Daarnaast is het nodig dat docenten van alle leerwegen zich kunnen professionaliseren in hun vakgebied en weten wat er speelt in hun beroepskolom. Een onmisbare schakel is het contact met het bedrijfsleven. Dat zorgt voor een realistisch beeld en het helpt om actuele ontwikkelingen uit het bedrijfsleven een plek te geven in het lesprogramma.

De projectleider

De projectleider initieert, onder verantwoordelijkheid van het (dagelijks) bestuur, de activiteiten. De projectleider is faciliterend in de projecten die zijn ondergebracht in de vier aandachtsgebieden. Hij rapporteert aan het (dagelijks) bestuur en/of verantwoordelijk bestuurslid van een aandachtgebied over zowel de voortgang, de resultaten als over de financiële planning. In de jaaragenda en begroting is dit vastgelegd. De projectleider werkt samen met de scholen binnen de daar vastgestelde beleidskaders.

aansluiting, overdracht en doorstroom in het onderwijs

Op te starten projecten

Om nauw met elkaar samen te werken aan thema’s, die te maken hebben met ‘aansluiting, overdracht en doorstroom’ in het onderwijs, is draagvlak onmisbaar. Voordat een project wordt opgestart moet duidelijk zijn;

  • of het project past binnen de missie en visie van Ons Platform,
  • of het project past binnen de beleidsterreinen ‘aansluiting, overdracht en doorstroom’ van Ons Platform,
  • of het project voorziet in een breed gedragen behoefte onder de samenwerkende scholen, welke inspanning/input de samenwerkende scholen ieder afzonderlijk kunnen/willen leveren.

De plek van het bedrijfsleven

Eén van de aandachtsgebieden is het bevorderen van samenwerking tussen onderwijs en het bedrijfsleven. In het vo en mbo leggen leerlingen/studenten het eerste stuk van hun (leer)loopbaan af. Wie ben ik? Wat kan ik? Wat wil ik? Wat drijft mij? Welk soort werk past bij mij? Wat wil ik worden? Wie kan mij daarbij helpen? Moeilijke vragen die juist dan voor leerlingen/studenten actueel zijn. Het bedrijfsleven is erbij gebaat dat leerlingen/studenten in hun (leer)loopbaan de antwoorden vinden op deze vragen. Voor een realistische kijk hebben leerlingen/studenten daarvoor, naast ouders en/of vrienden en/of school, de ervaringen uit het bedrijfsleven nodig. Juist die ervaringen en/of beoordelingen over het functioneren in bedrijven en/of maatschappelijke organisaties zijn maar al te vaak een bevestiging voor de keuze van een beroep en/of vervolgstudie.

Ons logo

De ronde vormen van dit icoon staan voor:

  • Vriendelijk
  • Betrouwbaar
  • Samen Betrokken
  • Ondersteunend

Een halve cirkel stelt een omarmend persoon voor. Twee halve cirkels vormen samen een hele. Samen sta je sterker en wordt een overstap gemakkelijker.

De ene helft van de cirkels staat voor de scholen en de andere helft van de cirkels voor de overheid.

Heeft u vragen over Ons Platform?

onze projectleider staat u graag te woord

Back To Top